Amsterdam, hoek Leidsegracht en Korte Leidsedwarsstraat (ingekleurde foto #025).

Taxi te A’dam, hoek Leidsegracht en Korte Leidsedwarsstraat, ca 1934. Foto: Paul Guermonprez. Ingekleurd: Emiel Verwijst.

De taxi is een Renault NN, ook wel bekend als de 6CV, werd gebouwd tussen 1924 en 1930. Leuk detail: Op de voorruit de drie kruisen van het Amsterdamse stadswapen. 

De Belgische ouders van Paul Guermonprez waren tijdens de Eerste Wereldoorlog naar Nederland gevlucht. Na een opleiding aan de Amsterdamse Suikerschool werkte Paul in 1931 in suikerplantages in Indonesië. Van zijn vader die amateurfotograaf was, erfde hij de belangstelling voor fotografie. In 1932 ging Paul fotografie en architectuur studeren aan het Bauhaus in Berlijn, tot de school in 1933 moest sluiten. Terug in Nederland werkte hij vanaf einde 1934 tot eind 1938 als docent fotografie aan de door het Bauhaus geïnspireerde Nieuwe Kunstschool in Amsterdam en van september 1935 tot 1942 aan de afdeling Reclame-ontwerpen van de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag.

Van 1939 tot 1940 was Guermonprez als soldaat gemobiliseerd. Uit die periode stamt zijn humoristische boekje Praatjes en plaatjes van de soldaatjes (met illustraties van Wim van Overbeek).

In april 1934 had Guermonprez met Hajo Rose het reclame- en fotobureau Co-op 2 opgestart, waaraan onder anderen Violette Cornelius, Paul Hartland, Kryn Taconis en Otto Treumann meewerkten. In deze jaren stond hij in contact met de Groningse drukker H.N. Werkman. Uit protest tegen de door denazi’s opgerichte Kultuurkamer verliet hij het bureau in 1942. Guermonprez was in januari 1941 al eens drie weken door de Duitsers opgesloten in de gevangenis van Scheveningen.
Guermonprez was in 1931 getrouwd met Arda Hessefelt, maar dat huwelijk liep al snel op de klippen. Hij hertrouwde in 1939 met de naaldkunstenaar, schilder, tapijtontwerper en wever Trude Jalowetz (1910-1977) van Joods-Tsjechische afkomst; zij is na de oorlog naar Amerika geëmigreerd om daar als kunstenaar verder te werken.

Verzet
Van 4 mei 1942 tot 30 juli 1943 was Guermonprez als gijzelaar geïnterneerd in het kleinseminarie Beekvliet in Sint-Michielsgestel. Hij werd vrijgelaten om zich als voormalig officier in Amersfoort te melden. Na de melding, dook hij onder en nam hij deel aan het verzet. Met onder anderen J. Thijssen, Gerrit van der Veen en Gerben Wagenaar maakte hij vanaf de nazomer van 1943 deel uit van de leiding van de Raad van Verzet en onderhield hij de contacten met verzetsgroepen in Twente, Noord-Brabant en Limburg. In Noord-Holland en Zuid-Holland was Guermonprez betrokken bij het organiseren en uitvoeren van diverse overvallen (o.a. op het distributiekantoor Borgerstraat in Amsterdam) en sabotageacties (zoals op een pyrotechnische fabriek in Leiden en de Electro Zuur- en Waterstoffabriek aan de Amsterdamse Distelweg).

Op Oudejaarsavond 1943 deed hij mee aan een vergeefse aanslag op het Huis van Bewaring aan de Weteringschans te Amsterdam om een aantal collega-verzetsstrijders te bevrijden. Een nieuwe poging bleek verraden. Guermonprez en enkele deelnemers poogden te vluchten maar ze werden opgepakt op het Centraal Station in Amsterdam. Na detentie in de gevangenis werd Guermonprez wegens zijn verzetsactiviteiten samen met drukker Frans Duwaer en beeldhouwer Gerrit van der Veen op 10 juni 1944 door de Duitsers gefusilleerd in het duingebied van Overveen (gemeente Bloemendaal, bij Haarlem). Guermonprez is herbegraven op de Erebegraafplaats Bloemendaal. Na de oorlog ontving hij postuum bij Koninklijk Besluit het Verzetskruis 1940-1945.

Domtoren Utrecht, tram Zadelstraat
Zijn verloren gewaande fotoarchief berust sinds enige jaren in het Gemeentearchief Amsterdam. Het werd bij toeval teruggevonden in het voormalige kraakpand “De Grote Wetering” en omvat ruim 300 negatieven en kleurendia’s uit de periode 1934-1937. Naast stadsgezichten bevat het enkele reportages van de bouw van het City Theater (architecten Jan Wils en O. Rosendahl), van de atelierwoningen aan de Zomerdijkstraat (architect P. Zanstra in samenwerking met J.H.L. Giesen en K.L. Sijmons) en van de Apollohal en het Apollo-paviljoen.

Tekst: Wikipedia. Foto: Beeldbank Amsterdam.

Citroëngebouw, Stadionplein Amsterdam (ingekleurde foto #028).

Het Zuidelijk Citroëngebouw, Stadionplein in Amsterdam. Color©: Emiel Verwijst.

Het werd van 1930 tot 1931 gebouwd naar een ontwerp van Jan Wils. Tegen het einde van de jaren ’20 had de N.V. Automobiles Citroën, zoals het bedrijf toen heette, haar hoofdvestiging aan de Weteringschans in Amsterdam met werkplaatsen over heel Amsterdam verspreid. Om alle functies van het bedrijf (kantoren, reparatie en verkoop) onder één dak samen te brengen besloot zij in 1929 naar de rand van de stad te verhuizen en een nieuwe hoofdvestiging te bouwen op een terrein naast het Olympisch Stadion, waar tijdens de Olympische Spelen van 1928 het gebouw voor krachtsport stond. De gemeente Amsterdam verleende haar goedkeuring aan het plan, maar stelde, uit vrees dat het bedrijfsgebouw het karakter van Amsterdam-Zuid zou aantasten, als voorwaarde dat het door de architect van het Olympisch Stadion, Jan Wils, ontworpen zou worden. Wils zou het aanvankelijk beneden zijn stand gevonden hebben een bedrijfsgebouw te ontwerpen, maar het royale honorarium dat hem in het vooruitzicht gesteld werd, deed hem uiteindelijk toch instemmen. Het ontwerp kwam in 1930 gereed en voorzag in een showroom, een ‘quick service’ en kantoren op de begane grond en een werkplaats op de eerste verdieping, die toegankelijk was door middel van een hellende oprit. Geheel naar wens van de gemeente streefde Wils naar een evenwichtige wisselwerking tussen het bedrijfsgebouw en het Olympisch Stadion. Door het betonskelet bezit het gebouw grote raampartijen en heeft het een flexibele indeling, terwijl het in stijl nog steeds volkomen aansluit bij het ernaast gelegen stadion. Het gebouw is uitgevoerd in een okergele verblendsteen. Tegenwoordig is het witgeschilderd. Waarschijnlijk gebeurde dit om het beter te laten aansluiten bij het tweede bedrijfsgebouw Citroën aan de ‘rechterkant’ van het Stadionplein, dat van 1958 tot 1960 werd gebouwd, eveneens naar ontwerp van Wils (tekst: Wikipedia). De foto heeft rechtsonder een reliëfstempel met de (waarschijnlijke) tekst: J.W.Martens, Amsterdam (W), Tel: 80300. Mogelijk was dit toentertijd de garagehouder. 

Bijenkorf te Rotterdam (ingekleurde foto #027).

De voormalige Bijenkorf te Rotterdam. Color: Emiel Verwijst ©.

Ontworpen door de beroemde architect Willem Marinus Dudok, ook wel Stad van licht genoemd. Het gebouw werd in 1930 geopend en was het grootste en modernste warenhuis van Europa. Een sprookjespaleis van glas en steen, vol luxe producten uit de hele wereld. In mei 1940 werd het gebouw grotendeels verwoest door het Duitse bombardement op Rotterdam. Midden jaren vijftig werd het restant afgebroken en sindsdien is dit meesterwerk van ’s lands beroemdste bouwmeester in de vergetelheid geraakt (tekst Peter Veenendaal). Zwart/wit foto is afkomstig van Jan Sluiter. 

Amsterdam, Haarlemmerpoort (ingekleurde foto #022).

Amsterdam, Haarlemmerpoort. Photo: Jacob Olie,1894. Kleur©: Emiel Verwijst.

Beeldbank Amsterdam:
Gezicht op de Haarlemmerpoort en links op de achtergrond de huizen aan het Nassauplein. Op de voorgrond is D. Eskens, neef van de fotograaf Jacob Olie, met zijn twee zoontjes voor de firma J. Eskens & Zoon, Huis- en Rijtuigschilders, Haarlemmerplein 14.

Amsterdam, Nieuwe Uilenburgerstraat (ingekleurde foto #017).

Amsterdam 1925, Nieuwe Uilenburgerstraat 30-34. Op nr. 30 bakkerij M.M. van Praag. Fotograaf: Onbekend. Ingekleurd©: Emiel Verwijst.